De trein in het kerklied!
Toen ik nog jong was (sprak opa) was er een kerkelijk jongerenkoor genaamd het Groot I.J.E.-koor, dat een lied zong vol met beelden van het moderne leven. Er werd gezongen over flatgebouwen en antennes op het dak (die had je toen nog). En het refrein ging ongeveer zo:
Dit, dit is de wereld, de wereld waar ik in woon.
Hier zijn de treden te zien van Gods troon.
Wie hier omhoog kijkt vanuit het gedruis
ontwaart de contouren van het Vaderlijk huis.
De L.P. met dat lied werd bij ons thuis grijs gedraaid, daarom zit de tekst er nog zo goed in. Maar het gaat me hier om: in dit religieuze lied werden beelden gebruikt uit het moderne, dagelijkse leven. Zulke liederen zijn er niet zo veel. Het Liedboek kent er bij mijn weten maar één: het lied ‘Hier is een stad gebouwd’ van Huub Oosterhuis. Het roept de sfeer op van jachtig verkeer, van fabrieken en flats. Maar het is een uitzondering.
Het zijn vooral de beelden uit een voorbije tijdspanne die het kerkelijk lied domineren: die van de cultuur van landbouw en veeteelt. Woorden als zaad, graan, herder, vruchten kom je om de haverklap tegen. Nu weet ik wel dat dit ook de beelden zijn die de Bijbel gebruikt. Dat je die vervolgens ook weer tegenkomt in Bijbelliederen mag niet verbazen. Maar het kerklied is meer dan een Bijbellied. Een kerklied moet ook stem geven aan de gelovige van vandaag. Toch kom je zelden een auto of een computer tegen in het kerklied. En ook milieuverontreiniging, globalisering of het stressvol leven vallen buiten de horizon van de meeste kerkelijke dichters. In plaats daarvan overheerst een grote aandacht voor de natuur. Dat alles voert maar tot één conclusie: in de kerkelijke poëzie zijn we nog niet verder dan de 19de eeuw.
In de seculiere poëzie is die inhaalslag al lang geleden wel gemaakt. De modernistische poëzie van de eerste helft van de 20ste eeuw (T.S. Eliot, Ezra Pound) maakte al gebruik van beelden uit de technische en verstedelijkte samenleving. Ten onzent deed Gerrit Achterberg dat (denk aan de benzinevaten in het gedicht ‘Deïsme’). En sindsdien weten we niet beter of ook de poëzie spiegelt het dagelijks leven in het jachtige bestaan van een moderne samenleving. Maar het kerklied hobbelt daar ver achteraan.
Op dit moment is men in kerkelijk Nederland achter de schermen druk bezig met de samenstelling van een nieuw liedboek. Ik hoop dat daarbij ook gezocht wordt naar liederen met beelden uit ons dagelijks leven. Of dat ze alsnog gemaakt worden. Ook Jezus gebruikt immers in zijn onderwijs beelden uit het gewone leven. Toen werd het dagelijks leven bepaald door landbouw en veeteelt. Nu voor een deel ook nog. Maar de beelden zijn versprongen. Het wachten is op het eerste kerklied met een tractor of trein. Die behoren immers tot de wereld waar ik in woon en waar wij leven voor Gods oog.
Meest gelezen
Misschien hebt u dat ook weleens: je moet bijvoorbeeld naar de dokter, en je neemt je voor om dit te vragen en dat, maar na afloop ben je toch weer iets vergeten. Stom, stom, stom! Ik had me net zo goed voorbereid! Ja, kennelijk... Lees de hele column »
Ik verblijf op dit moment een aantal dagen in een klooster. Dat doe ik ieder jaar. Dit keer ben ik in Averbode, België. Samen met mijn broer. We zijn er al vaker geweest. Onze zwager was er toen ook bij, maar die moet dit jaar... Lees de hele column »
‘Een broedende kip moet je niet storen,’ luidt een gezegde. Dat geldt ook voor de broedende zwaan in de vijver voor ons huis. Toen er op Koninginnedag een demonstratie van modelboten gehouden werd, en de zwaan die... Lees de hele column »