Preken tegen de PVV
Dominee Harry Pals riep collega’s op om tegen de PVV te preken. Hij ziet de dreigende gedoogsteun door de PVV van een CDA-VVD-kabinet als een teken des tijds. Die dreiging moet worden tegengegaan. Zijn oproep lokte veel reacties uit.
Ik zal zelf niet snel tegen de PVV of Geert Wilders preken. Niet omdat ik vóór Wilders ben of omdat de zaak mij koud laat. Integendeel, iedereen mag weten dat ik bepaald geen Wilders-stemmer ben. Maar ik vind de preekstoel geen goed medium om de goegemeente daarvan kond te doen.
Elke predikant weet dat de preekstoel een machtsmiddel kan zijn. Het is de plek waar Gods Woord verkondigd wordt. Althans, dat wordt hij geacht te zijn. Dan moet je voorzichtig zijn met concreet politieke uitspraken. Die krijgen voor velen dan een goddelijk gewicht. En bovendien, de mensen kunnen tijdens een preek niets terug zeggen. Althans, ze worden geacht dat niet te doen.
Maar – en dat is een volgend argument – de uitspraken die Pals beoogt worden al door velen gedaan. De mensen op het CDA-bureau weten ervan mee te praten. Daar is het een af en aan lopen van prominenten en minder prominenten die komen bepleiten om de besprekingen met de PVV te staken. En je kunt niet naar Knevel en Van den Brink kijken of het gaat erover. Die geluiden hoef je als predikant dan nog niet eens vanaf de preekstoel te verdubbelen.
Iets anders is als politici zich op het terrein van de religie begeven. Zo heeft Wilders zich een keer voor zijn anti-islam-standpunt beroepen op de joods-christelijke traditie: die zouden we moeten bewaken. Kijk, daar kwam ik wel in het geweer. Ik heb toen in een preek gewezen op het feit dat de joods-christelijke traditie juist de bescherming van de vreemdeling bewaakt.
Maar nu begrijp ik van collega Smalbrugge (vanmorgen in Trouw) dat ook dit standpunt niet Bijbels te verdedigen valt. Immers, profeten als Nehemia en Ezra hebben ook vreemdelingen het land uitgezet. Maar als je het zo ziet, kun je helemaal niets meer zeggen. Dat kun je je ook niet tegen genocide keren omdat in het boek Jozua immers ook duizenden mensen over de kling gejaagd worden. Op die manier heeft het fundamentalisme snel vrij spel.
De Bijbel is behalve een religieus ook een religiekritisch boek. De hoofdstroom van dat boek richt zich tegen religieuze of pseudo-religieuze argumenten en opvattingen die de onderdrukking van zwakkeren sanctioneren. Met die kritische houding mogen wij ook de Bijbel zelf lezen. Dan kan inderdaad niet alles de toets van die kritiek doorstaan. Dat moet ons bescheiden maken. Maar niet monddood. Daar heeft Pals weer een punt.
(De genoemde preek hield ik op 7 maart 2010. U kunt die hier nog eens nalezen.)
Meest gelezen
Soon and very soon, we are going to see the King Hallelujah! Hallelujah! We're going to see the King. Met deze woorden... Lees de hele column »