Columns

Holocaust Memorial Day

06-02-2012

Aanstaande vrijdag 27 januari is het Holocaust Memorial Day. En afgelopen vrijdag 20 januari was het zeventig jaar geleden dat de Wannsee-conferentie plaatsvond. Op die bijeenkomst in een villa aan de oever van het Berlijnse meer de Wannsee, werd besloten tot de uitroeiing van de joden.

Afgelopen zondag besteedde ik in een kerkdienst aandacht aan die twee data. We lazen Esther 3. En ik vertelde over meneer Meijer, de apotheker in de plaats waar ik opgroeide. Hij was de enige jood in onze woonplaats die ik als kind kende. Op het digitale joodse monument (www.joodsmonument.nl) ontdekte ik kort geleden dat hij vrouw en kind had verloren in Auschwitz. Dát had niemand mij ooit verteld.

Na zo’n zondag ‘zoemt’ de dienst nog na in je hoofd. En daardoor moest ik vanmorgen ineens denken aan een andere overlevende van Auschwitz, die ik ooit ontmoette: de Israëlische schrijver Ka-Tsetnik 135633. Ka-Tsetnik is de betiteling van iemand die in een concentratiekamp heeft gezeten (KZ: Konzentrationslager). Het nummer in zijn naam is het cijfer dat op zijn onderarm werd getatoeëerd, zoals bij iedere gevangene gebeurde.

‘Ontmoette’ schreef ik zojuist. Maar dat is teveel gezegd. Hij was met zijn vrouw te gast in de kibboets waar ik ook logeerde. Zijn echtgenote, Nina De-Nur (de echte naam van de schrijver was Yehiel De-Nur), bleek een zeer extraverte vrouw, en zij deed het woord. Ik heb dan ook eerder háár ontmoet dan haar man.

Nina vertelde met graagte over haar man en zijn werk. Hijzelf deed geen mond open. Hij zag er gekweld uit. En hij trok zich telkens terug. Hij leek niet in staat tot alledaagse communicatie. Van zijn vrouw hoorde ik van de verschrikkingen die hij had meegemaakt. Voor zijn trauma’s was hij kort daarvoor in behandeling geweest bij de beroemde Nederlandse arts Bastiaans.

Ik heb nooit een boek van Ka-Tsetnik 135633 gelezen. Ik heb er wel één in de kast staan: Moni, de Nederlandse vertaling van They Calles Him Piepel. Maar ik ben er tot nu toe voor teruggedeinsd om het te lezen. Het was vooral zijn gekwelde verschijning die er mij vanaf houdt. Zijn ogen vertelden me genoeg.

Op het internet las ik dat pas tijdens het proces tegen Eichmann bleek welke naam er achter het pseudoniem Ka-Tsetnik 135633 stak. Yehiel De-Nur was getuige tijdens dat proces. Maar aan vragen beantwoorden kwam hij niet toe: na een voorgelezen verklaring viel hij flauw. Op het internet las ik ook dat hij in 2001 is gestorven. Aan hem zal ik denken a.s. vrijdag. En aan meneer Meijer en zijn gezin.

« Alle columns
Reageren

Wilt u reageren? Gebruik dit formulier. Ik zal zo snel mogelijk antwoorden.

Dhr. Mevr.



Meest gelezen

Aangekeken
15-04-2009
Tweede Paasdag is een heerlijke dag om er op uit te gaan. Ik wist dit jaar ook meteen waar naartoe: het Rijksmuseum. Daar is tot begin mei een schilderij van Vermeer te zien dat normaal in Washington hangt: De dame met de weegschaal. En aangezien ik een mateloze bewonderaar ben van het... Lees de hele column »
Kerk naar buiten
14-04-2010
Gisteren een heel inspirerende bijeenkomst voor predikanten bezocht. Overal in het land worden namelijk middagen en avonden georganiseerd om mijn kerk meer missionair te maken. Het initiatief gaat uit van de landelijke PKN die daarvoor een aantal mensen heeft vrijgesteld. Gisteren... Lees de hele column »
In Bob (part two)
01-06-2010
Hoe raakt een mens opnieuw ‘in Bob’? Wel, in mijn geval om meerdere redenen. Allereerst: als late bekeerling ontdekte ik dat de muziek van Dylan een ware staalkaart is geworden van de Amerikaanse muziekgeschiedenis. Rock, gospel, folk, country, blues, rockabilly, ballads, jazz –... Lees de hele column »
In Bob (part one)
28-05-2010
Het is de schuld van vriend Leo. Die nam me in 2009 mee naar een concert in de Heineken Music Hall. Ooit hadden wij, los van elkaar, zijn eerste concert in Nederland in De Kuip meegemaakt – tevens het allereerste stadionconcert ooit in ons land! Maar Bob Dylan (want over hem heb ik het)... Lees de hele column »
We are going to see the King
08-07-2009

Soon and very soon, we are going to see the King Hallelujah! Hallelujah! We're going to see the King. Met deze woorden... Lees de hele column »