Schilderen
Ik ben ons huis aan het schilderen. Dat doe ik voor het eerst, omdat we pas dit jaar voor het eerst een huis kochten. Het is een hele klus. Groter dan ik dacht. Maar ik heb er de hele zomer voor uitgetrokken. En ik heb er geen hekel aan. Het is zelfs een mooi tegenwicht voor mijn dagelijks werk.
Als predikant lees je, schrijf je, luister je, praat je, kortom: je werkt alleen maar met je hoofd. Een eenzijdig leven! Wanneer je dan (zoals ik en veel andere collega’s) in je vrije tijd ook nog vaak bezig bent met je werk en de theologie, dan loop je de kans om behoorlijk scheef te groeien. Dan wordt het tijd om ook eens iets met je handen te gaan doen.
Rabbijnen hadden oorspronkelijk naast hun geestelijke taak meestal ook een wereldlijk beroep. Ook Paulus bleef, toen hij het evangelie her en der ging verkondigen, altijd zijn beroep van tentenmaker uitoefenen. Hij was niet altijd aan het preken of brieven schrijven, een groot deel van zijn leven was hij handwerksman.
Misschien wordt die combinatie van een geestelijke roeping en een wereldlijk beroep ooit wel weer de norm. Door de slinkende financiële middelen zou dat weleens noodzakelijk kunnen worden. Ik zou niet weten hoe het mogelijk is. Voorlopig lijk ik als dominee in volledige dienst alleen maar tijd tekort te komen. En van mijn parttime collega weet ik dat zij, net als veel andere deeltijdpredikanten, standaard meer werkt dan de afgesproken tijd. Maar wellicht komt het er ooit van: predikanten die maar voor een gedeelte van de week beschikbaar zijn voor de kerk.
Voorlopig zal alles nog wel even blijven zoals het is. Met alle volle agenda’s die erbij horen. Daarom is het goed om af en toe eens op een ladder te staan. Of om in de grond van je tuintje te wroeten. Of om eens een kast te timmeren. Je hersenen worden er door gereset. En het heeft ook nog een ander voordeel: je ziet resultaat van je werk. Dat is in je predikantschap niet altijd het geval. Het resultaat van je werk is nauwelijks te meten.
Hoewel je ook moet oppassen voor voorbarige conclusies. Ooit zei ik eens op een wijkavond: ‘Ik ben altijd jaloers op metselaars. Die metselen bijvoorbeeld een huis, en kunnen jaren later tegen hun kinderen of kleinkinderen nog zeggen: kijk, dat huis heeft (o)pa nog gemetseld! Dat hebben wij als predikanten niet.’ Waarop een aannemer uit de zaal riep: ‘Jaloers?! Je zou eens een dag met me mee moeten lopen!’ Instemmend gelach alom. Ik boog deemoedig het hoofd.
Meest gelezen
Soon and very soon, we are going to see the King Hallelujah! Hallelujah! We're going to see the King. Met deze woorden... Lees de hele column »